DE DERDE BIOLOGISCHE WET (“Het ontogenetische systeem van de tumoren”)


Dr. Hamer: “De medische studieboeken van de toekomst zullen ziekten niet langer aan specialistische disciplines toewijzen, maar zullen ze in plaats daarvan indelen naar hun hun embryonale kiembladgehorigheid. De NIEUWE GENEESKUNDE biedt een betrouwbaar, wetenschappelijk systeem dat een classificatie van ziekten mogelijk maakt in overeenstemming met de embryologie”.


Het medische onderzoek van Dr. Hamer is verankerd in de wetenschap van de embryologie. Rekening houdend met de ontwikkeling van de foetus (ontogenese) ontdekte hij dat de correlatie tussen de psyche, de hersenen en de organen verbonden is met de drie embryonale kiemlagen (endoderm, mesoderm, ectoderm), van waaruit alle organen van het menselijk lichaam afkomstig zijn. De derde biologische wet laat zien dat de locatie van de Hamerse Haard in de hersenen, evenals de celproliferatie of celverlies na een DHS, niet toevallig zijn, maar deel uitmaken van een zinvol biologisch systeem dat op dezelfde manier werkt in ieder levend organisme. De biologische speciale natuurprogramma’s zijn gecodeerd in elke menselijke cel en dus ingegraveerd in het DNA, de drager van genetische informatie (zie GNM-artikel ‘Genetische ziekten begrijpen’).

Door het analyseren en vergelijken van duizenden hersenscans ontdekte Dr. Hamer dat organen die afkomstig zijn van dezelfde embryonale kiemlaag vanuit hetzelfde deel van de hersenen worden aangestuurd.

 

Alle organen die afkomstig zijn van het endoderm worden gecontroleerd door de hersenstam. Primitieve levensvormen zoals bacteriën hebben louter endodermale functies.

Alle organen die afkomstig zijn van het oud mesoderm worden gecontroleerd vanuit de kleine hersenen.

Alle organen die afkomstig zijn van het nieuw mesoderm worden gecontroleerd vanuit het hersenmerg.

Alle organen die afkomstig zijn van het ectoderm worden bestuurd vanuit de hersenschors.

 

 

Sommige organen, zoals bijvoorbeeld de dikke darm, zijn afkomstig van slechts één embryonale kiemlaag. Anderen, zoals de nieren, zijn opgebouwd uit weefsels die afkomstig zijn van alle drie de kiemlagen. Na verloop van tijd fuseerden de weefsels voor functionele doeleinden en vormden een orgaan of orgaansysteem (voortplantingssysteem, spijsverteringsstelsel, renale systeem, ademhalingssysteem, bloedsomloop). Dit verklaart waarom delen van één orgaan hun controlecentra in verschillende delen van de hersenen hebben. In het lichaam zijn organen die dezelfde oorsprong qua kiemlaag hebben, bijvoorbeeld het strottenhoofd, de baarmoederhals, de coronaire aderen, het rectum en de blaas, niet altijd bij elkaar gegroepeerd. In de hersenen zijn hun controlecentra echter naast elkaar geplaatst, in perfecte volgorde.

Elk van de drie embryonale kiemlagen komt overeen met zeer specifieke biologische conflicten, die dateren uit de tijd dat de levensbedreigende crisis (bestaansconflict, uithongeringsconflict, waterconflict, territoriaal verliesconflict) voor het eerst plaatsvond. Vandaar dat bepaalde conflictthema’s tot een bepaalde evolutionaire periode behoren.

Endoderm

Het endoderm is de oudste kiemlaag. Organen die zijn afgeleid van het endoderm, zoals de longen, de organen van het spijsverteringskanaal, de baarmoeder en de prostaat, correleren daarom met de oudste biologische conflicten, die verband houden met ademhalen (doodsangstconflict), voedsel (brokconflicten) en voortplanting (voortplantingsconflict ). De biologische speciaalprogramma’s worden aangestuurd vanuit de hersenstam, het oudste deel van de hersenen.

 

Endodermale weefsels bestaan uit intestinaal cilinderepitheel. In het geval van een biologisch conflict genereert het gerelateerde orgaan tijdens de conflictactieve fase proliferatie (vermeerdering) van cellen, om een conflictoplossing te faciliteren. In de genezingsfase worden de extra cellen die niet langer nodig zijn verwijderd met behulp van schimmels en TBC bacteriën (Vierde Biologische Wet).

Mesoderm

Het mesoderm is verdeeld in een oudere en jongere groep.

Organen die afkomstig zijn van het oud mesoderm, zoals de lederhuid onder de opperhuid, het borstvlies, het buikvlies en het hartzakje die de vitale organen bedekken, zijn in de eerste plaats verantwoordelijk voor bescherming. Het belangrijkste conflictthema heeft daarom betrekking op “aanvalsconflicten“. De biologische speciale programma’s worden aangestuurd vanuit de kleine hersenen.

 

In het geval van een biologisch conflict genereert het gerelateerde orgaan tijdens de conflictactieve fase vermeerdering van cellen om een conflictoplossing te faciliteren. In de genezingsfase worden de extra cellen die niet langer nodig zijn verwijderd met behulp van schimmels en bacteriën (vierde biologische wet).

Organen die afkomstig zijn van het nieuw mesoderm geven stabiliteit aan het lichaam (dwarsgestreepte spieren, botten, pezen, ligamenten, bindweefsel) en maken mobiliteit mogelijk. Het lymfestelsel en de bloedvaten (behalve de hartvaten) zijn ook afkomstig van het nieuw mesoderm. Het belangrijkste conflictthema met betrekking tot nieuw mesodermale weefsels zijn conflicten over eigenwaarde inbreuken. De biologische speciaalprogramma’s worden aangestuurd vanuit het hersenmerg.

 

In het geval van een biologisch conflict genereert het gerelateerde orgaan tijdens het conflict-actieve fase celverlies (necrose). In de genezingsfase wordt het weefselverlies hersteld met behulp van bacteriën (vierde biologische wet).

OPMERKING: Alle nieuw mesodermale weefsels (“luxe groep”) laten hun biologische doel zien aan het einde van de genezingsfase. Nadat het genezingsproces is voltooid is het orgaan of weefsel sterker dan voorheen, wat het mogelijk maakt om beter voorbereid te zijn op een conflict van dezelfde soort.

Ectoderm

Het ectoderm bedekt het endodermale slijmvlies van de meeste organen en bekleedt de gangen in een orgaan, bijvoorbeeld de galwegen, de pancreasgangen en de melkgangen. Het bekleedt ook de baarmoederhals van de baarmoeder, de bronchiën, de hartvaten en vormt de vormt de epitheliale laag van de opperhuid.

 

 

Organen die afkomstig zijn van het ectoderm correleren met de meer geavanceerde conflicten, voornamelijk met conflicten die te maken hebben met sociale contacten (scheidingsconflicten, seksuele conflicten, territoriale conflicten). De biologische speciaalprogramma’s worden gecontroleerd vanuit de hersenschors.

 Ectodermale weefsels bestaan uit plaveiselepitheel. In het geval van een biologisch conflict genereert het gerelateerde orgaan tijdens het conflictactieve fase celverlies (ulceratie) om een conflictoplossing te vergemakkelijken. In de genezingsfase wordt het weefselverlies hersteld met behulp van bacteriën (vierde biologische wet).

Ga terug naar de Tweede Biologische Wet

Ga verder naar de Vierde Biologische Wet