Artrose

Artrose is het gevolg van een:

Eigenwaarde-conflict / Onvermogen-conflict. 

Conflictactieve fase:

Psyche: Iets ervaren als te zwaar of te moeilijk of niet (meer) mogelijk. Besef van “iets niet kunnen” of “gefaald hebben”.

Lichaam: Cel-afname van het kraakbeen. Artrose.

Genezingsfase:

Psyche: Niet langer te maken hebben met situaties die worden ervaren als te zwaar of te moeilijk of niet meer mogelijk. Niet langer besef van “iets niet kunnen” of “gefaald hebben”.

Lichaam: Cel-opbouw, ontsteking, Artritis.

Verband tussen conflict en locatie in het lichaam:

Polsen en handen: Iets niet kunnen doen met de handen, onhandigheid.
Ellebogen: Iemand die men liefheeft niet kunnen omarmen, vasthouden.
Heupen: Iets niet kunnen bereiken, voor elkaar krijgen, doorzetten.
Knieën: Te kort schieten bij fysieke prestaties, sport. Niet goed genoeg, niet snel genoeg.
Enkels en voeten: Niet weg kunnen, ergens niet naar toe kunnen, een plaats niet meer kunnen betreden.

Vaak sprake van een hangende heling (voortdurende afwisseling van conflict-actieve fase en genezingsfase) doordat het ervaren van de ziekte het conflict opnieuw inschakelt. (Onvermogen, iets niet kunnen, verlaging eigenwaarde.)