Germaanse Nieuwe Geneeskunde

Zinvolle Biologische Speciaalprogramma's

 

ALVLEESKLIER

ALVLEESKLIER

ONTWIKKELING EN FUNCTIE VAN DE ALVLEESKLIER: De alvleesklier is een buisvormig orgaan die gelegen is in de buikholte, achter de maag. De kop van de alvleesklier ligt in de kromming van de twaalfvingerige darm. De alvleesklier produceert hormonen (hormonale kwaliteit), waaronder insuline en glucagon en scheidt alvleeskliersappen (secretoire kwaliteit) af, die vrijkomen in de dunne darm om de vertering van voedsel te bevorderen. De alvleesklier bestaat uit intestinaal cilinderepitheel, is afkomstig van het endoderm en wordt daarom aangestuurd vanuit de hersenstam.

 

 

HERSENNIVEAU: Het controlecentrum van de alvleesklier bevindt zich ordelijk in een ringvorm van de hersenrelais geplaatst die de organen van het spijsverteringskanaal aansturen, precies tussen het lever en het twaalfvingerige darmrelais.

 

 

BIOLOGISCH CONFLICT: Het biologische conflict dat verband houdt met de alvleesklier is een “onverteerbaar brok-conflict” (zie ook maag, twaalfvingerige darm, dunne darm en dikke darm). Het conflict wordt meestal veroorzaakt door ruzies met familieleden, bijvoorbeeld over een ‘erfenis-brok’, een ‘eigendomsbrok’ of een ‘geldbrok’ en door beledigingen of beschuldigingen die moeilijk verteerbaar zijn.

In overeenstemming met evolutionair redeneren zijn brokconflicten de primaire conflictthema’s die worden geassocieerd met organen van endodermale oorsprong, die worden aangestuurd vanuit de herstenstam. 

CONFLICTACTIEVE FASE: Beginnend vanaf de DHS vermeerderen de cellen van de alvleesklier zich in de conflictactieve fase evenredig met de intensiteit van het conflict. Het biologische doel van de celtoename is om de afscheiding van alvleeskliersappen te bevorderen, zodat de brok beter kan worden verteerd. Bij langdurige conflictactiviteit (hangend conflict) ontwikkelt zich een bloemkool-achtige tumor (secretoire type), aangeduid als alvleesklierkanker, als gevolg van de voortdurende celvermeerdering (vergelijk met “alvleesklierkanker” gerelateerd aan de alvleeskliergangen). Als de mate van celdeling een bepaalde grens overschrijdt beschouwt de conventionele geneeskunde de kanker als “kwaadaardig”; onder die limiet wordt de groei als “goedaardig” beschouwd of gediagnosticeerd als een poliep (zie ook de helingsfase).

HELINGSFASE: Na de conflictoplossing verwijderen schimmels of mycobacteriën, zoals TB-bacteriën, de cellen die niet langer nodig zijn. Genezende symptomen zijn indigestie, buikpijn vanwege de zwelling in de alvleesklier en nachtelijk zweten. De omvang van de symptomen wordt bepaald door de mate en duur van de conflictactieve fase. Waterretentie door het SYNDROOM verhoogt de zwelling aanzienlijk. Bij een ontsteking wordt de aandoening pancreatitis genoemd (te vergelijken met pancreatitis gerelateerd aan de alvleeskliergangen).

 

Tijdens het eerste deel van de genezingsfase (in PCL-A) ontwikkelt zich een hersenoedeem in het gebied van de hersenen dat de alvleesklier aanstuurt. Op een hersenscan verschijnt het oedeem (vochtophoping) als donker (gele pijl). De witte pijl wijst naar een glia-opbouw (PCL-B) in het hersenrelais van de nierverzamelbuizen, gekoppeld aan een verlatings- of bestaansconflict.

 

Het bijbehorende verhaal: Een 43-jarige vrouw ontwikkelde alvleesklierkanker nadat haar vader haar had verteld dat zij niet zijn echte dochter was. De hersenscan laat zien dat zij de conflictsituatie ervoer als een “onverteerbaar brok-conflict” (dat de alvleesklier betreft) en een verlatingsconflict (dat de nierverzamelbuizen aangaat). Beide conflicten zijn opgelost; daarom vindt genezing ook plaats op de gerelateerde organen.

Een langdurig proces van ontbinding (hangende genezing) als gevolg van voortdurende conflictresiduen laat holtes in de alvleesklier achter (zie ook longcavernen, levercavernen, borstkliercavernes). Het verlies van alvleesklierweefsel resulteert in het onvermogen om voldoende alvleeskliersappen te produceren waardoor het voedsel niet meer op de juiste wijze kan worden verteerd, wat aanhoudende winderigheid en diarree veroorzaakt. De tekortkoming kan echter worden aangevuld met spijsverteringsenzymen (lipase, protease, amylase) en enzymrijke voeding.

Als de vereiste microben niet beschikbaar zijn bij het oplossen van het conflict, omdat ze zijn vernietigd door overmatig gebruik van antibiotica, blijven de extra cellen achter zonder verdere celdeling. Uiteindelijk wordt de groei ingekapseld met bindweefsel. In de conventionele geneeskunde wordt dit meestal gediagnosticeerd als een alvleesklierpoliep of als een “goedaardige kanker” (zie ook conflictactieve fase). In het geval van de alvleesklier blijven de cellen die niet konden worden verwijderd spijsverteringssappen produceren, wat resulteert in een permanente overproductie van alvleeskliersappen (zie ook schildklier, bijschildklieren, bijnier, prostaatklier).

ALVLEESKLIERGANGEN

ONTWIKKELING EN FUNCTIE VAN DE ALVLEESKLIERGANGEN: Het hoofdkanaal van de alvleesklier verbindt de alvleesklier met de dunne darm. De belangrijkste functie is om de in de alvleesklier geproduceerde alvleeskliersappen naar de twaalfvingerige darm, het eerste deel van de dunne darm, te vervoeren. De bekleding van de alvleeskliergangen, inclusief de vele kleine vertakkingen, bestaat uit plaveiselepitheel, is afkomstig van het ectoderm en wordt daarom aangestuurd vanuit de hersenschors.

HERSENNIVEAU: De epitheliale bekleding van de alvleeskliergangen wordt aangestuurd vanuit de rechter temporale kwab (deel van de post-sensorische cortex). Het controlecentrum bevindt zich precies tegenover het hersenrelais van het oppervlakkige slijmvlies van het rectum.

 

OPMERKING: De alvleeskliergangen, galwegen, galblaas, maag (kleine kromming), maagpoort en bulbus duodeni delen dezelfde hersenrelais en dus hetzelfde biologische conflict. Welke van deze organen wordt beïnvloed door de DHS is willekeurig. Een ernstig conflict kan alle organen tegelijk treffen.

BIOLOGISCH CONFLICT: Het biologische conflict dat verband houdt met de alvleeskliergangen is een mannelijk territorium-erger-conflict (gevecht over het territorium) of een vrouwelijk identiteitsconflict, afhankelijk van iemands geslacht, lateraliteit en hormoonstatus.

In overeenstemming met evolutionair redeneren zijn territoriumconflicten, seksuele conflicten en scheidingsconflicten de primaire conflictthema’s die worden geassocieerd met organen van ectodermale oorsprong, die worden aangestuurd vanuit de sensorische, pre-motorisch sensorische- en post-sensorische cortex.

Een territorium-erger heeft betrekking op een ergernis in de omgeving of plaatsen die men als zijn of haar domein beschouwt – letterlijk of figuurlijk. Typische territorium-erger-conflicten zijn geschillen thuis, vetes op de werkplek, woede op school, in de kleuterklas, op de speelplaats, in een senioren- of verpleeghuis of in het ziekenhuis; ook in het ruimere “territorium” zoals in het dorp, de stad of het land waar men woont. Veldslagen over een land of eigendom, vervelende geluiden in het huis of de buurt, een gevecht om een ​​parkeerplaats of over speelgoed, zijn andere voorbeelden van wat een territorium-erger-conflict kan uitlokken.

 

 

Het Zinvolle Biologische Speciaalprogramma van de alvleeskliergangen volgt het MONDSLIJMVLIES SCHEMA met overgevoeligheid tijdens de conflictactieve fase en de epileptoïde-crisis en ondergevoeligheid gedurende de genezingsfase.

 

 

 

CONFLICTACTIEVE FASE: Ulceratie in de bekleding van de alvleeskliegangen evenredig aan de mate en duur van de conflictactiviteit. Het biologische doel van het celverlies is om de gangen te verwijden om de stroom van alvleeskliersapen te vergroten. De verbeterde stofwisseling geeft het individu meer energie om het conflict op te lossen. Afhankelijk van de intensiteit van het territorium-erger-conflict beïnvloedt de ulceratie de hoofdgang en / of de kleine vertakkingen. Symptoom: milde tot ernstige pijn.

HELINGSFASE: Tijdens het eerste deel van de genezingsfase (PCL-A) wordt het weefselverlies aangevuld door celvermeerdering. In de conventionele geneeskunde wordt dit meestal gediagnosticeerd als een “alvleesklierkanker” (vergelijk met alvleesklierkanker gerelateerd aan de alvleesklier). Volgens de Vijf Biologsiche Wetten kunnen de nieuwe cellen niet als “kankercellen” worden beschouwd, omdat de celtoename in werkelijkheid een aanvullend proces is.

Helende symptomen zijn zwelling als gevolg van het oedeem (vochtophoping), indigestie, een vette ontlasting en buikpijn, die gedurende de hele genezingsfase zou kunnen duren (in PCL-A en PCL-B is de pijn is niet van sensorische aard, maar meer een drukpijn). De alvleesklierenzymen (amylase) in het bloedserum zijn verhoogd. De omvang van de symptomen wordt bepaald door de intensiteit en de duur van de conflictactieve fase. Pancreatitis treedt op wanneer genezing gepaard gaat met een ontsteking (vergelijk met pancreatitis gerelateerd aan de alvleesklier). Met waterretentie als gevolg van het SYNDROOM kan de vergrote zwelling de gangen afsluiten waardoor potentieel ernstige complicaties kunnen optreden.

De epileptoïde crisis manifesteert zich als acute scherpe pijn en krampen of spasmen (alvleesklierkoliek) als de omliggende dwarsgestreepte spieren tegelijkertijd de epileptoïde-crisis ondergaan. In PCL-B gaan de alveeeskliergangen weer open en keert de functie van het orgaan langzaam terug naar normaal.

OPMERKING: Alle epileptoïde crises die worden aangestuurd vanuit de sensorische, post-sensorische of pre-motorisch sensorische cortex gaan gepaard met een ontregelde bloedcirculatie, duizeligheid, korte bewustzijnsstoornissen of een volledig bewustzijnsverlies (flauwvallen of “afwezigheid”), afhankelijk van de intensiteit van het conflict. Een ander kenmerkend symptoom is een lage bloedsuikerspiegel, die wordt veroorzaakt door het overmatige gebruik van glucose door de hersencellen (vergelijk met hypoglycemie gerelateerd aan de eilandcellen van de alvleesklier).

 

Deze CT-scan van de hersenen presenteert een Hamerse Haard in PCL-B, met een glia-ring in de hersenen van de alvleeskliergangen, wat duidt op een territorium-erger-conflict dat is opgelost. De CT werd kort na de epileptoïde-crisis genomen.

 

 

OPMERKING: Neuroglia (zichtbaar als wit op een hersenscan) begint met het herstellen van het hersenrelais vanuit de periferie! Dit is duidelijk in tegenspraak met de gevestigde theorie dat een kanker, inclusief een “hersenkanker”, groeit door voortdurende celvergroting die leidt tot de vorming van een tumor.

 

EILANDCELLEN

ONTWIKKELING EN FUNCTIE VAN DE EILANDCELLEN: De alvleesklier bevat celclusters die de eilandjes van Langerhans worden genoemd en die een belangrijke rol spelen bij de regulering van de bloedsuikerspiegel (glucose). De alfa-eilandcellen van de eilandjes van Langerhans scheiden glucagon af, een hormoon dat de lever stimuleert om glycogeen in glucose om te zetten, wat leidt tot een verhoging van de bloedsuikerspiegel. Insuline, geproduceerd door de bèta-eilandcellen, helpt de bloedsuikerspiegel in energie om te zetten door de glucose in de lichaamscellen af ​​te geven. Insuline verlaagt daarom de bloedsuikerspiegel. De alfa en beta eilandcellen zijn afkomstig van het ectoderm en worden aangestuurd vanuit de tussenhersenen.

HERSENNIVEAU: De eilandcellen van de alvleesklier worden aangestuurd vanuit de tussenhersenen, die zich in het centrale deel van de grote hersenen net boven de middenhersenen bevinden. De alfa-eilandcellen worden vanuit de linkerkant van de tussenhersenen (glucagoncentrum) aangestuurd; de bèta-eilandcellen worden vanuit de rechterkant (insulinecentrum) aangestuurd. De twee hersencontrolecentra zijn precies tegenover elkaar geplaatst.

 

ALFA EILANDCELLEN

BIOLOGISCH CONFLICT: Het biologische conflict dat verband houdt met de alfa-eilandcellen is een vrouwelijk angst-walgingsconflict of een mannelijk weerstandsconflict, afhankelijk van iemands geslacht, lateraliteit en hormoonstatus.

Een angst-walgingsconflict is een angst in combinatie met een afkeer van een situatie of persoon. Het conflict kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door seksuele ervaringen (seksueel misbruik, ongewenste seksuele praktijken, gewelddadige seks) of angst of fobieën voor bloed, uitwerpselen, urine of braaksel. Angst voor een dronken familielid kan een angst-walgingsconflict veroorzaken, met de geur van alcohol als een potentieel spoor. Kinderen lijden aan het conflict wanneer ze “walgelijk” voedsel moeten eten.

CONFLICTACTIEVE FASE: Tijdens de conflictactieve fase wordt de functie van de eilandcellen van Langerhans verminderd. De afname van de productie van glucagon veroorzaakt hypoglykemie.

OPMERKING: De eilandcellen van Langerhans behoren tot de groep organen die reageren op het gerelateerde conflict, niet met celvermeerdering of celverlies, maar met functioneel verlies (zie ook Zinvolle Biologische Speciaalprogramma’s van het evenwichtsorgaan (binnenoor), reukzenuwen, netvlies en glasachtig lichaam van de ogen, skeletspieren) of hyperfunctie (zie (botvlies en thalamus).

Symptomen van hypoglykemie zijn misselijkheid, duizeligheid, flauwvallen (wat verklaart waarom sommige mensen flauwvallen als zij bloed zien), trillingen en een boezemfibrileren als gevolg van het glucosegebrek in de spieren, inclusief de hartspier. Typerend voor een lage bloedsuikerspiegel is een verlangen naar suiker en snoep, wat het doel dient om de bloedsuikerspiegel in evenwicht te brengen. Het gestage overeten leidt tot gewichtstoename en obesitas (vergelijk met obesitas gerelateerd aan waterretentie). Vanwege de regelmatige inname van suikerhoudend voedsel blijft hypoglykemie meestal onopgemerkt.

HELINGSFASE: Tijdens het eerste deel van de genezingsfase, in PCL-A, stijgt het glucoseniveau langzaam naar een normaal niveau. Tijdens de epileptoïde-crisis neemt het bloedsuiker echter tijdelijk weer af, wanneer de conflictactieve symptomen kortdurend worden gereactiveerd. Acute hypoglykemie is een medisch noodgeval! In PCL-B stijgt de bloedsuikerspiegel tot boven het normale bereik met de symptomen van diabetes (vergelijk met bèta-eilandcel-gerelateerde diabetes in de conflictactieve fase, zie ook diabetes insipidus gerelateerd aan de nieren). Aan het einde van de genezingsfase is de bloedsuikerspiegel weer normaal.

Bij een continue terugval in het conflict (hangende genezing) wordt de diabetes chronisch. In dit geval wordt nog steeds insuline geproduceerd, maar dit wordt niet gebruikt voor het transporteren van glucose naar de lichaamscellen (vergelijk met bèta-eilandcellen-gerelateerde diabetes zonder insulineproductie). Dit wordt insulineresistentie genoemd en gecategoriseerd als diabetes type 2, ook wel ouderdomsdiabetes genoemd (vergelijk met diabetes type 1 of jeugddiabetes).

OPMERKING: Of diabetes optreedt in de genezingsfase, waarbij de alfa-eilandcellen betrokken zijn of in de conflictactieve fase, die verband houdt met de bèta-eilandcellen, wordt bepaald door iemands geslacht, lateraliteit en hormoonstatus in plaats van de leeftijd van een persoon. Vandaar dat, vanuit het perspectief van de GNM, het onderscheid tussen “jeugddiabetes en ouderdomsdiabetes” zinloos is.

Veel mensen met “type 2 diabetes” hebben overgewicht. Overgewicht of obesitas wordt daarom verondersteld een risicofactor te zijn voor het ontwikkelen van diabetes. Gebaseerd op de kennis van de GNM, namelijk dat hypoglykemie en diabetes twee aandoeningen zijn van hetzelfde Zinvolle Biologische Speciaalprogramma, leren we te begrijpen dat de zogenaamde “type 2 diabetes” (in PCL-B) niet wordt veroorzaakt, maar eerder wordt voorafgegaan door hypoglykemie.

Op deze CT-scan zien we de impact van een angst-walgingsconflict in het gebied van de hersenen dat de alfa-eilandcellen van de alvleesklier aanstuurt. De gedeeltelijk donkere rand van de Hamerse Haard geeft de aanwezigheid van vocht aan, wat zich meestal voordoet aan het begin van de genezingsfase of na een terugval in het conflict.

 

BÈTA EILANDCELLEN

BIOLOGISCH CONFLICT: Het biologische conflict dat verband houdt met de bèta-eilandcellen is een mannelijk weerstandsconflict of een vrouwelijk angst-walgingsconflict, afhankelijk van iemands geslacht, lateraliteit en hormoonstatus.

Een weerstandsconflict is een sterk verzet tegen een persoon (ouder, stiefouder, broer / zus, familielid, echtgenoot, leraar, collega, supervisor, arts), tegen een situatie (op het werk, thuis, op school, in een relatie), tegen een instelling (school, kerk, ziekenhuis, overheid, politiek regime), tegen beslissingen die over iemands hoofd worden genomen, of gedwongen worden om iets tegen zijn wil te doen. Kinderen lijden al op jonge leeftijd aan het conflict, wanneer ze zich verzetten tegen kinderopvang, kleuterschool of school, of wanneer ze zich sterk verzetten tegen wat hen wordt opgedragen om te doen.

CONFLICTACTIEVE FASE: Tijdens de conflictactieve fase is de functie van de bèta eilandcellen verminderd, waardoor hyperglykemie (hoge bloedsuikerspiegel) of diabetes ontstaat (vergelijk met alfa-eilandcellen-gerelateerde diabetes, zie ook diabetes insipidus gerelateerd aan de nieren). Het biologische doel van het opslaan van glucose in het bloed is om het individu voor te bereiden op de conflictoplossing door het organisme, met name de spieren, van voldoende hoeveelheid bloedsuiker te kunnen voorzien om met volledige kracht te kunnen vechten, als het losbarst. De mate van hyperglykemie (hoeveel “brandstof” moet beschikbaar zijn) wordt bepaald door de intensiteit van het conflict. Voor extra ondersteuning scheidt de lever ook glucose af, een proces dat gluconeogenese wordt genoemd. Biologisch gezien is de confrontatie, ‘het opstaan’, ​het kenmerkende mannelijke antwoord op een weerstandsconflict, terwijl de vrouwelijke reactie op een angst-walgingsconflict zich terugtrekken (flauwvallen) is.

OPMERKING: De eilandcellen van Langerhans behoren tot de groep organen die reageren op het gerelateerde conflict, niet met celvermeerdering of celverlies, maar met functioneel verlies (zie ook Zinvolle Biologische Speciaalprogramma’s van het evenwichtsorgaan (binnenoor), reukzenuwen, netvlies en glasachtig lichaam van de ogen, skeletspieren) of hyperfunctie (zie (botvlies en thalamus).

Typerend voor diabetes is extreme dorst, wat het doel dient om de hoge bloedsuikerspiegel te verdunnen (net zoals het verlangen naar snoep dient om het lage glucosegehalte in evenwicht te brengen in geval van hypoglykemie). Wat bekend staat als diabetische ketoacidose is een aandoening waarbij de lever hoge doses ketonlichamen produceert, door vetzuren af te breken, als reactie op het tekort aan insuline. De functie van ketonen is om de lichaamscellen van energie te voorzien wanneer er een tekort is aan glucose, vanwege het gebrek aan insuline. Als het niveaus van ketonen echter te hoog is wordt het bloed te zuur, wat tot ernstige complicaties kan leiden.

Bij langdurige conflictactiviteit wordt diabetes chronisch. Dit wordt insuline-afhankelijke diabetes genoemd en gecategoriseerd als type 1 diabetes, ook wel jeugddiabetes genoemd omdat het kennelijk voornamelijk voorkomt bij kinderen en adolescenten (vergelijk met diabetes type 2 of diabetes bij volwassenen). In dit geval zijn insulinetherapieën en dieetmaatregelen van vitaal belang tot het conflict is opgelost.

OPMERKING: Of diabetes optreedt in de genezingsfase, waarbij de alfa-eilandcellen betrokken zijn of in de conflictactieve fase, die verband houdt met de bèta-eilandcellen, wordt bepaald door iemands geslacht, lateraliteit en hormoonstatus in plaats van de leeftijd van een persoon. Vandaar dat, vanuit het perspectief van de GNM, het onderscheid tussen “jeugddiabetes en ouderdomsdiabetes” zinloos is.

Het is een wijdverspreid geloof dat een hoge bloedsuikerspiegel schade aan de slagaders veroorzaakt en “indirect” aan de zenuwen, wat leidt tot een verlies van gevoel, vooral in de ledematen. Echter, niet elke diabeet ontwikkelt deze aandoening! Evenmin kan deze theorie verklaren waarom een ​​verhoogd glucoseniveau bijvoorbeeld de voeten (of slechts één voet of teen) bij de ene persoon en de arm (en) bij een andere persoon zou aantasten. Gebaseerd op GNM is wat “diabetische perifere neuropathie” wordt genoemd een combinatie van twee gelijktijdig lopende biologische speciaalprogramma’s: één omvat de bèta-eilandcellen van de alvleesklier, gekoppeld aan een “weerstandsconflict” dat diabetes veroorzaakt, de andere is gerelateerd aan het botvlies, in geval van de benen, “iemand weg willen trappen” (meestal de persoon waar diegene zo’n afkeer van heeft) met de ontwikkeling van beenulcera of gangreen, afhankelijk van de intensiteit en duur van het conflict (zie ook “diabetische retinopathie”).

 

Deze CT-scan toont een centraal conflict met een Hamerse Haard die zich uitstrekt over de beide hersenhelften van het glucosecentrum. Een dergelijke situatie doet zich voor wanneer iemand tegelijkertijd een mannelijk weerstandsconflict en een vrouwelijk angst-walgingsconflict lijdt. Dit gebeurt bijvoorbeeld tijdens de periode dat een vrouw door de menopauze gaat. In dit geval zijn er geen symptomen, omdat hypoglykemie en diabetes de bloedsuikerspiegel in evenwicht houden.

 

HELINGSFASE: Tijdens het eerste deel van de genezingsfase, in PCL-A, daalt het glucosegehalte tot een normaal niveau. Echter, gedurende de periode van de epileptoïde-crisis, wanneer de conflictactieve symptomen kortdurend worden gereactiveerd, stijgt de bloedsuikerspiegel tijdelijk. Acute hyperglycemie (hyperglycemische shock) kan een “diabetische coma” veroorzaken! In PCL-B daalt de bloedsuikerspiegel onder het normale bereik met de symptomen van hypoglykemie (vergelijk met alfa-eilandcellen-gerelateerde hypoglykemie in de conflictactieve fase). Aan het einde van de genezingsfase is de bloedsuikerspiegel weer normaal. Echter, met een hangende genezing als gevolg van voortdurende conflictresiduen wordt de hypoglykemie chronisch (en dat geldt ook voor het verlangen naar snoep).

VOORZICHTIG: Vanwege een mogelijk ernstige epileptoïde-crisis mag een beoogde oplossing voor een conflict met betrekking tot de alfa-eilandcellen en bèta-eilandcellen alleen worden toegepast onder toezicht van een beroepsbeoefenaar uit de gezondheidszorg!

Download het document over de Alvleesklier hier:

Alvleesklier